Afwijkende mondgewoonten

Printervriendelijke versie

Onder afwijkende mondgewoonten worden de gewoonten verstaan die negatieve gevolgen hebben voor de gebitsstand, het spreken en het gehoor. Afwijkende mondgewoonten kunnen ontstaan door het niet goed functioneren van lippen, tong, wangen en kaken. Bij kinderen kan je dan denken aan klachten over tongpersen tijdens het slikken, speekselverlies, mondademen en duimzuigen.
De oorzaak kan in de  aanleg zitten, zoals bij kinderen met een gehemeltespleet (schisis), kinderen met het syndroom van Down en kinderen met een neurologische afwijking. Het kan ook zijn dat het kind de tong, lippen en wangen op een verkeerde manier gebruikt.
In veel gevallen kan de logopedist hulp bieden, meestal in nauwe samenwerking met andere disciplines, zoals de kinderfysiotherapeut, de KNO arts of de tandarts en orthodontist. Het is belangrijk om afwijkende mondgewoonten af te leren omdat het veel negatieve gevolgen heeft, zoals het steeds schever staan van de tanden en terugkomende oorontstekingen.

OMFT en behandeling

De logopedist zal bij afwijkende mondgewoonten gebruik maken van OMFT: oro-myofunctionele therapie. Er wordt gewerkt aan het herstellen van het evenwicht van de spieren in en om het mondgebied en het aanleren van een juiste slik, een juiste tongpositie in rust, en een goede articulatie.